martin vertelt verder

 

Thuisfront
Een inzet kan alleen plaatsvinden met steun van het thuisfront. Partners en kinderen van USAR-leden verdienen daarom de grootst mogelijke zorg. “Denk je eens in. Een partner, vader of moeder is ’s morgens gewoon naar het werk gegaan. Net zoals op alle andere dagen. Maar komt vervolgens niet meer thuis. Dat is heftig, vooral voor kinderen”, zegt Evers. Daarom heeft het hoofdkwartier als belangrijke taak om frequent contact te onderhouden met het thuisfront en hen te informeren over de missie en het welbevinden van hun gezinslid. “Dat doen we bijvoorbeeld iedere ochtend, voordat de kinderen naar school gaan. De achtergebleven ouder kan dan bij het ontbijt vertellen hoe het met papa of mama is. Ook sturen we iedere avond voor het naar bed gaan een bericht. De informatie is luchtig van aard, af en toe met een knipoog en met veel foto’s zodat het gezin de inzet een beetje kan meebeleven. Reacties en berichten van gezinnen voor teamleden sturen we vanuit het hoofdkwartier door naar het inzetgebied.” Als de inzet is afgerond, wordt de terugkomst van het USAR-team op vliegveld Eindhoven groot gevierd. Het is een persoonlijk en besloten moment. Het hoofdkwartier laat in beperkte mate geaccrediteerde pers toe.

 

Terugkeer
Na een inzet wordt USAR.NL niet direct terug naar Nederland gevlogen. Het hoofdkwartier regelt eerst een adaptieprogramma van 36 uur voor de teamleden. Op een locatie buiten Nederland krijgt het team de tijd om bij te komen, zich op te frissen en de inzet te verwerken. USAR-leden die dat willen, kunnen een psycholoog raadplegen. Ze krijgen een medische controle en er vindt een groepsgewijze debriefing plaats: wat heeft de reddingsgroep allemaal gedaan, wat ging goed en wat kan beter. Evers: “Met dit programma helpen we onze teamleden te ontspannen en te wennen aan de normale wereld waarin ze terugkeren.” Tien dagen na terugkomst belt de groepscommandant met zijn mensen hoe het gaat. Dit koppelt hij terug aan de psychoog en de medisch manager. Op basis daarvan wordt een eindrapportage opgesteld voor de landelijk commandant USAR.NL en de werkgevers van de USAR-leden. Tot slot organiseert het hoofdkwartier een landelijke USAR-bijeenkomst voor álle teamleden. “De teamleden die zijn ingezet vertellen aan de anderen wat ze hebben meegemaakt. Zo willen we van elkaar leren en ook de eenheid blijven die we zijn.”

 

Nederlandse belangen
Op het hoofdkwartier werken tien mensen. Evers en zijn mensen stellen regelmatig situatierapporten op voor de kerngroep, bestaande uit de landelijk commandant USAR.NL en vertegenwoordigers van de ministeries van Buitenlandse Zaken, Defensie en Veiligheid en Justitie. Aangezien het USAR-team altijd onder gezag van de plaatselijke hulpverlening wordt ingezet, kan het zijn dat er Nederlandse belangen in de knel komen. Via het hoofdkwartier wordt dit doorgegeven aan de kerngroep, waarna Buitenlandse zaken eventueel op ambtelijk of politiek niveau actie onderneemt. Verder handelt het Nederlandse hoofdkwartier alle operationele zaken af en beantwoordt mediavragen. 

 

Terug naar Inzet Nepal